Persoonlijke instellingen

Inleiding Digitale protocollen

Uit BeneluxSpoor.net - Encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende

Onder redactie van: BeneluxSpoor.net / Auteur: Ronald Koerts


Inleiding

Een digitale modelbaan is eigenlijk één groot netwerk, waarbij de verschillende onderdelen met elkaar communiceren oftewel 'praten'. Het communiceren gaat volgens bepaalde 'talen', ook wel protocollen genoemd. Nu is het communiceren niet moeilijk wanneer je als fabrikant voor je eigen producten een eigen taal c.q. protocol afspreekt. Deze producten kunnen dan onderling met elkaar communiceren.

Het wordt moeilijker wanneer ook andere fabrikanten met de producten moeten gaan communiceren. Dan moet het protocol (ofwel de taal) wel vrij verkrijgbaar zijn, zodat de andere fabrikant het kan toepassen. Een aantal fabrikanten heeft zijn protocol vrijgegeven en een aantal protocollen zijn daarom ook standaard geworden.


Verscheidenheid

Naast de verschillende protocollen, oftewel talen, is er ook nog verschil in het gebruik van het protocol. Een aantal protocollen zijn speciaal opgezet voor het communiceren van een digitale centrale met een locdecoder en de wissel- en seindecoders. Dit zijn 'baanbesturingsprotocollen'.

Er zijn ook protocollen die communicatie tussen de verschillende onderdelen onder de baan mogelijk maken. Dat kunnen versterkers, wissel- en seindecoders, maar ook handregelaars zijn. Dit zijn dan 'netwerkprotocollen'.

Voor de communicatie tussen de digitale centrale en de computer bestaan ook een aantal protocollen, deze worden dan 'interfaceprotocollen' genoemd.

De scheiding tussen de verschillende type protocollen is zeer klein. De netwerkprotocollen en interfaceprotocollen lopen door elkaar heen. Een aantal protocollen worden zowel gebruikt als netwerk-, en als interfaceprotocol.

Er zijn dus verschillende protocollen onder te verdelen in:

Baanbesturingsprotocollen. Communicatie tussen digitale centrale en locdecoders, wisseldecoders en seindecoders.
Netwerkprotocollen. Communicatie tussen digitale centrale en terugmelders/bezetmelders en wisseldecoders.
Interfaceprotocollen. Voor de communicatie tussen digitale centrale en computer.


Protocollen

Het baanbesturingsprotocol regelt de aansturing van de locdecoders en vaak ook de aansturing van de wissel- en seindecoders. De mogelijkheden zijn per protocol verschillend.

Er zijn verschillende baanbesturingsprotocollen beschikbaar. Deze protocollen zijn een ontwikkeling van enkele tientallen jaren. Heden ten dage zijn er eigenlijk vier protocollen die bruikbaar zijn: DCC, Motorola, MFX en Selectrix. Daarbij moet aangetekend worden dat Motorola en MFX onder één noemer geschoven worden.

Daarnaast is het ook merk- en systeemafhankelijk. Het Motorola en MFX-protocol zijn vooral vertegenwoordigd bij de Drierailrijders, dit omdat Märklin alle centrales en decoders voorziet van dit protocol. Tegenwoordig komen er ook centrales van Märklin die tevens DCC ondersteunen.

Hier een overzicht van een aantal gebruikte protocollen:

Naam Afkorting Ontwikkeld door Op de markt gebracht door Vrijgegeven? Opmerkingen
Het DCC protocol. DCC. Lenz Electronik. Märklin & Arnold. Ja, NRMA-norm. -
Motorola. MM/Mot. Lenz Electronik. Märklin. Nee. -
MFX / M4. MFX. Esu. Märklin. Nee. -
Selectrix. SX. Doehler & Haass. Trix. Ja, Morop-norm. -
FMZ. FMZ. Fleischmann. Fleischmann. Nee. Komen geen nieuwe producten meer voor.
Zimo. Zimo. Zimo. Nee. Komen geen nieuwe producten meer voor.
Tabel: 01
Tabel gemaakt door: Ronald Koerts


Zimo-protocol

Dit protocol wordt niet meer ondersteund door Zimo. Het Zimo-protocol zat technisch gezien iets anders in elkaar dan de andere protocollen. Het is niet echt een succes geworden. Er is weinig informatie te vinden over het Zimo-protocol. Daarom heeft het Zimo-protocol ook geen eigen artikel gekregen.

Centrale en protocollen

Veel centrales kunnen maar één protocol spreken. Dat is meestal het 'hoofd'-protocol wat die leverancier ondersteund. Met de jaren verschenen ook de eerste centrales die meer dan één protocol ondersteunen. Dit heet dan een 'multi-protocol centrale'. Deze ondersteunen meestal een combinatie van twee of meer -protocollen. Dit omdat diverse fabrikanten overstappen op een algemeen protocol, zoals Fleischmann en Zimo. Of gewoon omdat beide fabrikanten grote groepen gebruikers, de Tweerail- en Drierailrijders, willen bedienen.


Netwerkprotocollen

Deze protocollen regelen de communicatie tussen bijvoorbeeld de Digitale centrale, handregelaars, boosters of Computerinterface's. Sommige netwerkprotocollen hebben ook de mogelijkheid om andere decoders, zoals de wissel- en seindecoders, aan te sturen.

Ook hier zijn verschillende protocollen beschikbaar. De diverse protocollen hebben hun eigen aansluiting. Hieronder zijn een aantal netwerkprotocollen opgesomt:

Naam Ontwikkeld door Opmerkingen
LocoNet. Digitrax. -
XpressNet. Lenz. -
CAN-bus. Robert Bosch GmbH. -
Tabel: 02
Tabel gemaakt door: Ronald Koerts


Interfaceprotocollen

Er zijn veel protocollen die ervoor zorgen dat de Digitale centrale met de Computer kan communiceren. Sommige fabrikanten zijn zeer open geweest over hun protocol en dit kan daarom gemakkelijk in de diverse besturingssoftware geïmplementeerd worden. Andere fabrikanten zijn niet zo open en de gegevens die over het protocol beschikbaar zijn, worden meestal via 'reverse engineering' verkregen.

De diverse protocollen worden ook gebruikt om de decoders (wissel-, sein-, schakeldecoders en handregelaars, enz...) onder de baan aan te sturen. Deze protocollen zijn dus een 'netwerkprotocol' en een 'interfaceprotocol'. Bijvoorbeeld LocoNet en XpressNet zijn zulke protocollen. Hieronder een klein overzicht van een aantal protocollen:

Naam Ontwikkeld door Opmerkingen
6050-protocol of PB50-protocol. Märklin. -
PB50x-protocol. Uhlenbrock. -
LocoNet. Digitrax. -
XpressNet. Lenz. -
Tabel: 03
Tabel gemaakt door: Ronald Koerts



Meer informatie

Encyclopedie:




Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende
Contact met de redactie: Contact met de redactie