Persoonlijke instellingen

Maatregelen tegen knipperende verlichting

Uit BeneluxSpoor.net - Encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende

Onder redactie van: BeneluxSpoor.net / Auteur: Fred Eikelboom


Het probleem van knipperende ledverlichting

Knipperende verlichting van rijtuigen wordt veroorzaakt doordat het contact tussen de spoorstaaf en het wiel/de wielen kortstondig verbroken wordt, bijvoorbeeld door vervuilde rails en/of op het spanningsloze puntstuk van wissels. Het is dus een eerste vereiste dat de rails en de wielen goed schoon zijn.

Om het knipperen tegen te gaan kunnen één of meerdere elco's parallel aan de leds worden aangesloten. Een elco kan stroom opslaan als een accu en wordt dan ook vaak voor dat doel gebruikt. De bekendste toepassing is het afvlakken van de gelijkgerichte spanning in voedingen (afvlakken betekent vermindering van de rimpelspanning) en bij ledverlichting in rijtuigen (ledstrips) is de elco te gebruiken om het knipperen van de leds tegen te gaan.

Inschakelstroom begrenzen bij gebruik van elco's als anti-knipper

Binnenverlichting02.gif Binnenverlichting04.gif
Afbeelding: 01 Afbeelding: 02
Basisschema anti-knipper-elco Weerstand R1a toegevoegd
Schema gemaakt door: Fred Eikelboom Schema gemaakt door: Fred Eikelboom

Een elco is toepasbaar als anti-knippervoorziening. De waarde van de elco (C1 in schema 01 en 02) kan tussen de 100 μF en 470 μF liggen. Hoe hoger de waarde, hoe beter de anti-knipper werkt. Bij led-strips is het raadzaam een zo groot mogelijke waarde te nemen. Dit is echter mede afhankelijk van de beschikbare ruimte. In schaal N zal vanwege de beperkte ruimte geen grotere elco dan 100 μF geplaatst kunnen worden. De werkspanning van de elco moet bij een digitale modelspoorbaan 25 volt of meer zijn. Bij analoog volstaat een werkspanning van 16 volt.

Wanneer het contact tussen de wielen en de spoorstaven kortstondig onderbroken wordt, neemt de elco (C1 in schema 01 en 02) de spanningsvoorziening even over. Indien er veel rijtuigen op de baan rijden die allen van een anti-knipper elco voorzien zijn, dan wordt tijdens het inschakelen van de centrale de totale inschakelstroom te hoog. Wanneer de spanning van de baan af is geweest, zullen de elco's in alle rijtuigen leeg zijn. Dan zal er bij het inschakelen van de centrale en/of boosters een hoge inschakelstroom gaan lopen. De kans is dan groot dat de beveiliging van de centrale en/of boosters aanspreekt. Om dit te voorkomen is het raadzaam om in elk rijtuig een weerstand van 100 tot 220 Ω tussen de voedingsspanning en de elco te plaatsen (zie R1a in schema 02). De weerstand begrenst dan de inschakelstroom.

Ook bij led-strips die voorzien zijn van een buffer-elco kan door het toevoegen van een weerstand in de plusdraad op deze wijze de inschakelstroompiek verminderd worden. Zie ook Overbelastingsverschijnselen bij boosters.

Elco's parallel schakelen

Wanneer voor de 'anti-knipper' in een rijtuig meer capaciteit nodig is, stel 2000 μF i.p.v. 1000 μF, maar voor de grotere 2000 μF-elco is geen plaats in het rijtuig, dan zijn er ook twee elco's van 1000 μF parallel te schakelen (plus van elco1 aan plus van elco2 en min van elco1 aan min van elco2). De twee elco's samen hebben dan een waarde van 2000 μF. Ze kunnen dan op twee plaatsen in het rijtuig worden ondergebracht. Eén grote elco of meerdere kleinere elco's parallel maakt elektrisch gezien niet uit. De totale waarde is de som van alle elco's in parallelschakeling.

Kortsluitbeveiliging in centrales/boosters

Wanneer er veel elco's op de modelspoorbaan aanwezig zijn in het rijdend materiaal, kan het voorkomen dat de kortsluitbeveiliging van de centrale en/of boosters aanspreekt (inschakelt). Het is dan raadzaam om een weerstand op te nemen in de aansluiting naar de elco, bij elk rijtuig (zoals aangegeven in afbeelding 02 en de omschrijving er onder).

Let er ook goed op dat de elco's niet in serie geschakeld zijn want dan is er maar de halve waarde. Dus: parallel = 1000 + 1000 = 2000 μF en in serie 1/1000 + 1/1000 = 2/1000 = 1/500, dus maar 500 μF!

Goldcaps als antiknippervoorziening

De GoldCap is een dubbellaags elektrolytische condensator (ofwel dubbellaags elco), een Electric Double Layer Capacitor of ELDC. De GoldCaps hebben een maximale werkspanning van 2,3; 2,5; 2,7; 3,6; 5,5 of 6,3 volt. De dubbellaags elektrolytische condensator is o.a. tevens onder de namen PowerCaps, DynaCaps en GreenCaps in de handel. Op de volgende pagina is meer te lezen over de GoldCap (zie 'Meer informatie').

Let-op.jpg
  LET OP
Een elco mag nooit op een wisselspanning (AC) aangesloten worden anders raakt deze binnen de kortste keren defect vanwege oververhitting! En een elco mag nooit verkeerdom op de voedingsspanning aangesloten worden, dat overleeft de elco ook niet!

Let-op.jpg
  LET OP
Een elco mag nooit kortgesloten worden, omdat er dan kortstondig een zeer grote stroom gaat lopen!
Bij een elco van 100μF kan al een stroom van 20 ampère gaan lopen!
Gebruik een weerstand van minimaal 470 ohm om een elco snel te ontladen, anders wordt de levensduur van de elco sterk verkort.

Meer informatie

Encyclopedie:
(zie: Cursussen).
Beneluxspoor.net:
over knipperende verlichting.
over verlichting.
Externe website:
Schema met GoldCap.



Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende
Contact met de redactie: Contact met de redactie 


Laatste wijziging: 15 nov 2017 14:41 (CET)