Persoonlijke instellingen

Aansluiten duoleds op een locdecoder

Uit BeneluxSpoor.net - Encyclopedie
Versie door Martin Hilvers (overleg | bijdragen) op 28 dec 2021 om 19:13
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Ga naar: navigatie, zoeken
Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende

Onder redactie van: BeneluxSpoor.net / Auteur: Fred Eikelboom


Dit artikel beschrijft de mogelijkheden voor het aansluiten van duoleds op een locdecoder.

Een duoled of driekleurenled is prima geschikt om front- en sluitverlichting in locs en treinstellen te maken die slechts voorzien zijn van twee openingen aan front- en achterzijde. Door het inbouwen van vier duoleds en het aansluiten daarvan op de locdecoder, krijgt het model de beschikking over gele frontlichten en rode sluitlichten die wisselen met de rijrichting.

Van de duo- of driekleurenled zijn verschillende uitvoeringen;

  • met 2 aansluitdraden; hier zijn 2 leds antiparallel geschakeld in één behuizing. Stroomrichting de ene kant op geeft rood licht, andere kant op geeft geel licht. Er zijn ook andere kleurencombinaties mogelijk.
  • met 3 aansluitingen, de leds kunnen apart of tegelijk branden, er ontstaat dan een mengkleur, b.v. rood+geel = oranje. Er zijn dan 2 uitvoeringen:
    • common anode; 2 leds parallel in één behuizing, met de anode (+ aansluiting) gemeenschappelijk en de kathodes (- aansluitingen) apart
    • common cathode; 2 leds parallel in één behuizing, met de cathode (- aansluiting) gemeenschappelijk en de anodes (+ aansluitingen) apart

Common anode

In dit schema is gebruik gemaakt van common anode leds met 3 aansluitdraden. Deze leds zijn zodanig op de bedrading aangesloten, dat wanneer de witte decoderdraad door de decoder aan massa wordt gelegd, aan de voorzijde van het railvoertuig beide gele leds branden en aan de achterzijde de twee rode leds.


Driekleur-LED decoder CA-01.GIF
Afbeelding: 01
Aansluiten van de leds
Schema gemaakt door: Fred Eikelboom


Wanneer de gele decoderdraad door de decoder aan massa wordt geschakeld, zullen aan de voorzijde van het railvoertuig beide rode leds branden en aan de achterzijde de twee gele leds. Het naar massa schakelen van de witte of de gele draad wordt automatisch door de decoder geregeld, afhankelijk van de ingestelde rijrichting. De verlichting brandt wanneer deze met functietoets F0 op de centrale wordt inschakelt.

Common cathode

Bij gebruik van zogenaamde common cathode leds zal bovenstaand schema niet werken omdat dan de spanning op de leds de verkeerde polariteit heeft.

Inverteerschakeling FE-01.GIF
Afbeelding: 02
Inverteerschakeling
Schema gemaakt door: Fred Eikelboom


Er zal dan gebruik gemaakt moeten worden van een hulpschakeling die ervoor zorgt dat de leds gevoed worden met een spanning met de juiste polariteit. Wanneer de schakeling van afbeelding 02 wordt tussengeplaatst, functioneert de schakeling ook met common cathode leds. De inverteerschakeling bestaat per led uit twee transistoren, drie weerstanden en twee diodes. Voor de schakeling in afbeelding 01 zijn dus vier van deze inverteerschakelingen nodig.

De werking van de inverteerschakeling:

Wanneer de decoder de witte decoder-draad aan massa schakelt, zal de basis van transistor T1, via weerstand R1 ook aan massa worden gelegd en T1 komt dan in geleiding. Nu gaat er een stroom lopen van de plus (+) c.q. de blauwe draad, via T1, voorschakelweerstand R2, de gele led en diode D1 naar massa (de witte draad). De gele led brandt nu. De rode led kan niet gaan branden, omdat diode D2 spert en daardoor de basis van T2 niet negatief kan worden.

Andersom zal, wanneer de decoder de gele decoder-draad aan massa schakelt, de basis van Transistor T2 via weerstand R2 aan massa worden gelegd. T2 komt dan in geleiding. Nu gaat er een stroom lopen van de plus (+) c.q. de blauwe draad, via T2, voorschakelweerstand R3, de rode led en diode D2 naar de massa (de gele draad). De rode led brandt nu. De gele led kan niet gaan branden, omdat diode D1 spert en daardoor de basis van T1 niet negatief kan worden.

Verkrijgbaarheid

Alhoewel de common anode-leds moeilijker verkrijgbaar zijn dan de common kathode-leds, wordt hier toch het aansluitschema voor beide typen gegeven. Er is maar een zeer beperkt aantal fabrikanten van common anode-leds, waardoor die in de handel moeilijker verkrijgbaar zijn dan common kathode-leds.


Onderdelenlijst.
T1 en T2 BC557
D1 en D2 1N4148
R1 en R4 68k   ¼ W
R3 2k7   ½ W
R4 3k3   ½ W
Tabel: 03
Tabel gemaakt door: Fred Eikelboom



Meer informatie

Encyclopedie
(zie: Cursussen).




Hoofdpagina  Categorie-index  Index  Menu
Vorige | Volgende
Contact met de redactie: Contact met de redactie